/** * */

Vogezen

(Verschil tussen bewerkingen)
Versie op 12 feb 2009 17:33
Lingekopf (Overleg | bijdragen)
links aangepast
← Previous diff
Huidige versie
Finnbar (Overleg | bijdragen)

Regel 1: Regel 1:
[[Afbeelding:Vogezen.jpg|thumb|300px|left|''Frontlinies in de Zuidelijke Vogezen gedurende de Eerste Wereldoorlog.'']] [[Afbeelding:Vogezen.jpg|thumb|300px|left|''Frontlinies in de Zuidelijke Vogezen gedurende de Eerste Wereldoorlog.'']]
-In de [[:Categorie:Episodes|Wereldoorlog]] vormden de '''Vogezen''' het toneel van een hardnekkige, bloedige strijd. Het uit Belfort opgerukte 7de Franse legerkorps werd op 9/10 aug. 1914 bij [[Slag bij Mülhausen|Mülhausen]] en Sennheim teruggeslagen. Maar bij een volgend Frans offensief op 14 aug. drong de Armée d'Alsace (Tweede Slag bij Mülhausen, 19 aug.) door tot aan de Rijn en de oostflank van de Vogezen terwijl het 1ste Franse leger op 16 aug. bij Markirch (Ste. Marie-aux-Mines) en in het dal van de rivier de Breusch aanvankelijk met succes tegen Duitse eenheden uit Straatsburg, het XIVde Duitse reservekorps en een inmiddels aangekomen reservedivisie vocht en naar St. Querin-Niederhof oprukte. Tijdens de [[Slag in Lotharingen]] (20 tot 22 aug.) werd het 1ste Franse leger echter verslagen en trok over de rivier de Meurthe terug en de Armée d'Alsace werd door de landweerbrigade van het Duitse XIVde legerkorps (vanaf 19 sept. legerafdeling [[Hans Gaede|Gaede]] geheten) naar de bergen teruggedreven. Vanuit de daarna betrokken stellingen (zie kaartje frontlinie) werd vervolgens verbitterd en met wisselend succes tot eind 1915 strijd geleverd om het bezit van de bergtoppen, in het bijzonder om de [[De gevechten om de Hartmannsweilerkopf|Hartmannsweilerkopf]] en de Hirzstein, zonder dat dit van invloed was op de grote militaire operaties elders. +In de [[:Categorie:Episodes|Wereldoorlog]] vormden de '''Vogezen''' het toneel van een hardnekkige, bloedige strijd. Het uit Belfort opgerukte 7de Franse legerkorps werd op 9/10 augustus 1914 bij [[Slag bij Mülhausen|Mülhausen]] en Sennheim teruggeslagen. Maar bij een volgend Frans offensief op 14 augustus drong de Armée d'Alsace (Tweede Slag bij Mülhausen, 19 augustus) door tot aan de Rijn en de oostflank van de Vogezen, terwijl het 1ste Franse leger op 16 augustus bij Markirch (Ste. Marie-aux-Mines) en in het dal van de rivier de Breusch aanvankelijk met succes tegen Duitse eenheden uit Straatsburg, het XIVde Duitse reservekorps en een inmiddels aangekomen reservedivisie vocht en naar St. Querin-Niederhof oprukte. Tijdens de [[Slag in Lotharingen]] (20 tot 22 augustus) werd het 1ste Franse leger echter verslagen en trok over de rivier de Meurthe terug en de Armée d'Alsace werd door de landweerbrigade van het Duitse XIVde legerkorps (vanaf 19 september legerafdeling [[Hans Gaede|Gaede]] geheten) naar de bergen teruggedreven. Vanuit de daarna betrokken stellingen (zie kaartje frontlinie) werd vervolgens verbitterd en met wisselend succes tot eind 1915 strijd geleverd om het bezit van de bergtoppen, in het bijzonder om de [[De gevechten om de Hartmannsweilerkopf|Hartmannsweilerkopf]] en de Hirzstein, zonder dat dit van invloed was op de grote militaire operaties elders.
-Van grotere omvang waren de gevechten om de hoogten aan beide zijden van de Münstervallei ([[Het drama van de Lingekopf|Lingekopf]], Schratzmännele, Barrenkopf, [[Reichsackerkopf]], Sattelkopf, Hilsenfirst, [[Tête de Faux|Buchenkopf]], top 664 ten oosten van Metzeral, dat verloren ging) en de beide veldslagen om [[Münster]] in 1915 (19 febr. – 30 mrt. en 26 juli – 14 okt.). Nadat het Vogezenfront tot rust was gekomen bleven enkele delen van de zuidelijke Vogezen tot aan het eind van de oorlog in Frans bezit, zoals het dal van St. Amarin en Thann. Bij de wapenstilstand moesten de Duitsers hun stellingen onmiddellijk ontruimen onder achterlating van grote hoeveelheden materiaal. +Van grotere omvang waren de gevechten om de hoogten aan beide zijden van de Münstervallei ([[Het drama van de Lingekopf|Lingekopf]], Schratzmännele, Barrenkopf, [[Reichsackerkopf]], Sattelkopf, Hilsenfirst, [[Tête de Faux|Buchenkopf]], top 664 ten oosten van Metzeral, dat verloren ging) en de beide veldslagen om [[Münster]] in 1915 (19 februari – 30 maart en 26 juli – 14 oktober). Nadat het Vogezenfront tot rust was gekomen bleven enkele delen van de zuidelijke Vogezen tot aan het eind van de oorlog in Frans bezit, zoals het dal van St. Amarin en Thann. Bij de wapenstilstand moesten de Duitsers hun stellingen onmiddellijk ontruimen onder achterlating van grote hoeveelheden materiaal.
'''Lit.''': Volkmann, E.O.: Vogesenkrieg (Die unsterbliche Landschaft, dl. 4). Leipzig, 1935. '''Lit.''': Volkmann, E.O.: Vogesenkrieg (Die unsterbliche Landschaft, dl. 4). Leipzig, 1935.

Huidige versie

Frontlinies in de Zuidelijke Vogezen gedurende de Eerste Wereldoorlog.
Enlarge
Frontlinies in de Zuidelijke Vogezen gedurende de Eerste Wereldoorlog.

In de Wereldoorlog vormden de Vogezen het toneel van een hardnekkige, bloedige strijd. Het uit Belfort opgerukte 7de Franse legerkorps werd op 9/10 augustus 1914 bij Mülhausen en Sennheim teruggeslagen. Maar bij een volgend Frans offensief op 14 augustus drong de Armée d'Alsace (Tweede Slag bij Mülhausen, 19 augustus) door tot aan de Rijn en de oostflank van de Vogezen, terwijl het 1ste Franse leger op 16 augustus bij Markirch (Ste. Marie-aux-Mines) en in het dal van de rivier de Breusch aanvankelijk met succes tegen Duitse eenheden uit Straatsburg, het XIVde Duitse reservekorps en een inmiddels aangekomen reservedivisie vocht en naar St. Querin-Niederhof oprukte. Tijdens de Slag in Lotharingen (20 tot 22 augustus) werd het 1ste Franse leger echter verslagen en trok over de rivier de Meurthe terug en de Armée d'Alsace werd door de landweerbrigade van het Duitse XIVde legerkorps (vanaf 19 september legerafdeling Gaede geheten) naar de bergen teruggedreven. Vanuit de daarna betrokken stellingen (zie kaartje frontlinie) werd vervolgens verbitterd en met wisselend succes tot eind 1915 strijd geleverd om het bezit van de bergtoppen, in het bijzonder om de Hartmannsweilerkopf en de Hirzstein, zonder dat dit van invloed was op de grote militaire operaties elders.

Van grotere omvang waren de gevechten om de hoogten aan beide zijden van de Münstervallei (Lingekopf, Schratzmännele, Barrenkopf, Reichsackerkopf, Sattelkopf, Hilsenfirst, Buchenkopf, top 664 ten oosten van Metzeral, dat verloren ging) en de beide veldslagen om Münster in 1915 (19 februari – 30 maart en 26 juli – 14 oktober). Nadat het Vogezenfront tot rust was gekomen bleven enkele delen van de zuidelijke Vogezen tot aan het eind van de oorlog in Frans bezit, zoals het dal van St. Amarin en Thann. Bij de wapenstilstand moesten de Duitsers hun stellingen onmiddellijk ontruimen onder achterlating van grote hoeveelheden materiaal.

Lit.: Volkmann, E.O.: Vogesenkrieg (Die unsterbliche Landschaft, dl. 4). Leipzig, 1935.

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Vogezen"
Personal tools