/** * */

Tweede Slag aan de Aisne

Westelijk front 1914-1918 (naar Putzger, Hist. Schul-Atlas, ed. 1928).
Enlarge
Westelijk front 1914-1918 (naar Putzger, Hist. Schul-Atlas, ed. 1928).
De Tweede Slag aan de Aisne, die het belangrijkste onderdeel vormde van het Franse Nivelle-offensief tegen de Duitsers tijdens de Eerste Wereldoorlog, was in feite niets meer of minder dan een totale catastrofe voor het Franse leger. Er waren enorme kosten aan verbonden, want er waren 1,2 miljoen man en 7.000 stukken geschut bij betrokken. De terreinwinst die werd geboekt was te verwaarlozen en de verhoopte doorbraak die volgens plan twee dagen zou vergen bleef uit. Het betekende eveneens het einde van de carrière van de initiatiefnemer, de Franse opperbevelhebber Robert Nivelle, en het leidde tot een snel om zich heen grijpende muiterij in het leger.

Bij zijn benoeming tot opperbevelhebber in december 1916, toen hij Joseph Joffre verving, had Robert Nivelle een plan beraamd, dat – zoals hij de Franse regering vertrouwelijk had verzekerd - binnen twee dagen een einde aan de oorlog zou maken. Doch het plan liep vertraging op en lekte uit, niet in het minst door de babbelzieke Nivelle zelf. Op het moment dat de hoofdaanval moest beginnen, op 16 april 1917, waren de Franse plannen al bekend bij de Duitsers, zodat die passende tegenmaatregelen hadden kunnen treffen om hun defensie te versterken.

Nivelles strategie werd geenszins unaniem gesteund door invloedrijke Franse politici. Hoewel premier Briand met het plan akkoord was gegaan, leidde het tot het aftreden van de minister van Oorlog, Hubert Lyautey. De Britse opperbevelhebber, Sir Douglas Haig, liet weten er niet voor te zijn, evenals degene die Nivelle als opperbevelhebber zou opvolgen, Henri Philippe Pétain, die het ontraadde. Zelfs de commandant van Nivelles reserveleger, generaal Micheler, was tegen.

19 divisies van het Franse 5de en 6de leger - onder Mazel en Mangin – wierpen zich op 16 april 1917 in de strijd langs een 80 km breed front van Soissons tot Reims, na een week van afleidingsmanoeuvres van de Britten bij Arras.

Tegenover de Fransen stond op een zwaar verdedigd, geaccidenteerd terrein, dat was uitgebouwd tot een gefortificeerd geheel, het 7de Duitse leger, bekwaam geleid door generaal Boehn. Op 16 april alleen al bedroegen de Franse verliezen 40.000 man, een ramp die deed denken aan de Britse verliezen op de eerste dag van de Slag aan de Somme, een jaar eerder, op 1 juli 1916. De massale inzet van de Franse Schneidertanks leverde ook weinig op; de eerste dag gingen er 150 verloren.

Op de tweede dag zette het 4de Franse leger onder Anthoine oostelijk van Reims in de richting van Moronvilliers een aanval op touw ter ondersteuning van het Franse offensief, maar deze stormloop werd door het 1ste Duitse leger (onder Below) gemakkelijk afgeslagen.

De ironie wil dat de zogeheten vuurwals – nota bene Nivelles eigen vinding – bij de aanvallen van 16 en 17 april geheel verkeerd werd ingezet, waardoor de opmars van de infanterie zonder dekking plaatsvond, wat de Franse verliezen, die toch al dramatisch waren, aanzienlijk verhoogde.

Hoewel eerder het tegendeel leek te gebeuren, bleef Nivelle geloof houden in het succes van zijn offensief, en hij ging ermee door tot 20 april. Er werd door Mangin enige terreinwinst geboekt ten westen van Soissons, maar de Fransen vorderden slechts langzaam. In de twee weken erna werd de intensiteit van de aanval verminderd, hoewel tegen 5 mei een 4 km lang stuk van de heuvelrug van de Chemin-des-Dames – dat deel uitmaakte van de Siegfriedlinie was veroverd. Wanorde heerste overal onder de Franse troepen toen het offensief ten slotte op 9 mei werd afgebroken nadat een vier dagen durende stormloop eveneens in een bloedbad was geëindigd.

Volgens de meeste schattingen bedroegen de Franse verliezen ongeveer 160.000 man, die van de Duitsers 80.000 man aan gevallenen, vermisten, gewonden en gevangenen.

De teleurstelling bij het thuisfront, zowel bij het publiek als bij de politici, leidde ertoe dat Nivelle uit zijn functie werd ontheven en op 25 april werd vervangen door Henri Philippe Pétain, de "Held van Verdun", die bij zijn troepen op een groot moreel gezag kon bogen. Hij legde zijn oor te luisteren bij zijn mannen; stond open voor hun klachten. Nadat de muiterij de kop was ingedrukt, het vertrouwen in de leiding was herwonnen en 50 oproerkraaiers (van de 554 die ter dood waren veroordeeld) waren geëxecuteerd, kon de oorlog worden hervat.

(Grotendeels vertaald van: http://www.firstworldwar.com/battles/aisne2.htm)

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Tweede_Slag_aan_de_Aisne"
Personal tools