/** * */

The Road to Passchendaele

The Road to Passchendaele
Enlarge
The Road to Passchendaele

The Road to Passchendaele is een spoorweg die tijdens de Eerste Wereldoorlog een verbinding met het front vormde. Zowel Canadezen, Australiërs als andere nationaliteiten van het Commonwealth gingen via deze spoorlijn naar Passendale om daar tegen de Duitsers te strijden. De spoorweg voert langs plaatsen die elk voor zich een bijzondere betekenis hebben in de geschiedenis van de Wereldoorlog. 90 jaar na de Derde Slag om Ieper wordt deze verbinding ook toeristisch van belang. Langs de route staan monumenten die werden opgedragen aan de Australian and New Zealand Army Corps en welke gedenktekens werden onthuld in het bijzijn van het Forum op 6 oktober 2007. De gedenktekens herdenken de Australische Walk die afgelegt werd op 4 Oktober 1917 door de Australian and New Zealand Army Corps. Het vertrekpunt van de lijn naar Passendale is Zonnebeke.

Inhoud

Oorsprong

The Road to Passchendaele. Australian walk 4 October 1917
Enlarge
The Road to Passchendaele. Australian walk 4 October 1917

Na twee weken van beschietingen begon de Derde Slag om Ieper, ook bekend als Slag om Passendale, op 31 juli 1917. De Britten stonden onder bevel van veldmaarschalk Sir Douglas Haig. Het terrein tussen Zonnebeke en Passendale veranderde na de beschietingen en na hevige regenbuien in een moeras waarin dieren, mensen en materieel verdronken.

De uitgeputte Britse dvisies werden begin september door het Australian and New Zealand Army Corps (ANZAC) afgelost. Er werd op 4 oktober een groot offensief gepland tegen de Duitse bunkerstelling Flanders 1. Links van de spoorlijn lag de 3de Australian Division en rechts de 2de Australian Division. De aanval van de Autralian Division begon om 6 uur in de ochtend. Er werd aangevallen met een nieuwe techniek, "step-by-step, bite-and-hold". Om 6:20 uur kon het 37th Battalion van de 3de Division consolideren. De 38th Division bereikte om 7:50 uur "The Red Line" en werd gevolgd door de 39th Division tussen Hambrug en Beecham. De aanvallen werden ondersteund door artillerievuur.

Ondanks de hevige artillerie-aanvallen op de Duitse verdedigingslinie bleef de Duitse weerstand groot. Het 40th Battalion arriveerde om 9:20 uur bij Tyne Cot en de bunkerstelling Flanders I werd eindelijk doorbroken. Lance-Corporal Walter Peeler en Sergeant Lewis McGee kregen voor het veroveren van de bunkers bij Levi Cottages en bij de Hamburg Farm het Victory Cross.

Lance-Corporal Walter Peeler was de zoon van William en Mary Peeler. Hij overleefde de Eerste Wereldoorlog. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij sergeant van het 2/2nd Pioneer bataljon van de D-Company. Hij overleed op 23 mei 1968 in South Caulfield en werd begraven op het Brighton Cemetery. Het Victory Cross is te bewonderen in het Australian War Memorial in Canberra (Australië).

Sergeant Lewis McGee was de zoon van John and Mary McGee. Hij overleed op 12 oktober 1917 in een veldhospitaal aan zijn verwondingen die hij opliep tijdens een opmars na de aanval. Hij werd geraakt door een schutter die een Maschinengewehr 08 bemande in een Pillbox. Hij stierf op 29-jarige leeftijd en ligt begraven op de Tyne Cot Cemetery XX. D.I.

A Generation Lost

AVV-VVK kruisjes op de crypte
Enlarge
AVV-VVK kruisjes op de crypte

De Duitse verliezen waren torenhoog op 4 oktober 1917. Het Duitse Infanterie-Regiment 79 telde na de slag 137 man. Naast gewonden, vermisten en krijgsgevangenen waren er ook veel gesneuvelden waaronder Otto Bieber die rust tussen nog andere "Drei unbekannte Soldaten" vlakbij het Cross Of Sacrifice. De Australische 10de brigade verloor 25 officieren en ruim 889 manschappen. De vier andere ANZAC eenheden verloren in totaal 8075 manschappen. Maar van de gehele Passendale-campagne werd 4 oktober 1917 de meest succesvolle dag. Later liep het offensief weer vast. De verliezen beliepen in de tienduizenden tot 10 november 1917.

Crypte

Zonnebeke heeft voor de mooiste burgerlijke begraafplaats de Internationale Funeral Award 2007 mogen ontvangen. Op deze begraafplaats bevindt zich een crypte. In de crypte staan veertien kisten opgesteld met Zonnebeekse oud-strijders die de Belgische onafhankelijkheid tijdens de Eerste- en Tweede Wereldoorlog bevochten. Boven de crypte, rondom het platte dak, staat een 20-tal witte heldenzerkjes. De crypte is vrij te bezoeken en is alle dagen open.

Thames Farm

Resten van de bunkerstelling Flanders I bij de Thames Farm
Enlarge
Resten van de bunkerstelling Flanders I bij de Thames Farm

Op de route ligt een boerderij die van de Britten de naam "Thames Farm" kreeg. De boerderij behoorde aan Isidoor Dochy-Baccarne. Een weide verderop richting Zonnebeke was een stukje bos dat de naam Thames Wood kreeg. Begin 1917 startten de Duitsers bij de boerderij met het aanleggen van de bunkerstelling Flanders I. Bij de boerderij zijn nog resten van een oorspronkelijke bunker van de bunkerstelling Flanders I, die de opruimingwerken van de jaren '20 heeft overleefd, teruggevonden.

De spoorwegbunker werd in 1917 ingericht als hulppost van de Duitsers en was voorzien van een machinegeweer en werd ingenomen om 7:50 uur die dag door het 42th Battalion van de 3de Australian Division. Deze slag leverde meer dan 100 krijgsgevangenen op waaronder de medische staf van de bunker. De bunker werd op 11 oktober ingericht als Regimental Aid Post van de 9th Australian Field Ambulance. De spoorlijn werd gebruikt om slachtoffers over te brengen naar Zonnebeke. Eind oktober 1917 werd deze post gebruikt door de Canadezen. Na de oorlog werden tijdens de opgravingen resten van brancards maar ook achtergelaten uitrustingen gevonden. De bunker is een toeristische bijzonderheid geworden.

Daring Crossing

Anzac Memorial en de Tyne Cot Cemetery op de route.
Enlarge
Anzac Memorial en de Tyne Cot Cemetery op de route.

Op het kruispunt van de spoorlijn Ieper-Roeselarestraat en Schipstraat lag het Daring Crossing. Bij deze spoorlijn stond voor de Eerste Wereldoorlog een klein barakje van de spoorwegen. De bunkerstelling Flanders I begon bij de Thames Farm en liep langs de noordkant van de spoorlijn naar het Daring Crossing en draaide af richting Tyne Cottage die wat verderop lag. De funderingen van twee bunkers werden in de zomer van 2005 blootgelegd. De bunkers werden volgens bronnen in 1930 afgebroken. Ze bestonden uit drie kamers uitgerust met een MG-post aan de noord-westhoek. De twee bunkers werden met elkaar verbonden door een ondiepe loopgraaf. Tijdens de opgravingen in de zomer van 2005 werden koelketels en afgeschoten hulzen van het Duitse Maschinengewehr 08 gevonden.

Tyne Cot Cemetery

500 m van de route ligt Tyne Cot Cemetery. Tyne Cot is de grootste Britse militaire begraafplaats van de Commonwealth War Graves Commission op het Europese vasteland. Op deze begraafplaats bevinden 11.909 grafstenen voor de gesneuvelden, waaronder 70% onbekenden, die hier sneuvelden tijdens de Eerste Wereldoorlog. Onder deze 11.909 grafstenen zijn er twee van vier Duitsers waaronder Otto Bieber. Op een hoge silexmuur van 152 meter lang, staan de namen van bijna 35.000 militairen uit het Verenigd Koninkrijk en Nieuw-Zeeland die sneuvelden in de Ypres Salient in 1917-1918 en die vermist of niet geïdentificeerd zijn.

Keerselaarshoek

Oude spoorweg op de Keerselaarshoek
Enlarge
Oude spoorweg op de Keerselaarshoek

De spoorweg Ieper-Roeselare maakte tussen Dash en Defy Crossing een diepe insnijding in de midden-WestVlaamse heuvelkam. De Duitsers bouwden in 1915 tot 1917 hier enkele schuilplaatsen in het noordelijke talud. Van deze bunkers is momenteel niets meer terug te vinden. Halverwege de jaren '50 lag de Deutsche Soldatenfriedhof Keerselaar naast de spoorweg. De Australische mars door het 44th Battalion van de 3rd Australian Division op 4 oktober 1917 eindigde hier.

In de zomer van 2005 werd een stuk identieke vooroorlogse spoorweg blootgelegd. In een bomkrater tussen de rails lagen stoffelijke resten van een Britse soldaat van de 66th Lancashire Fusiliers. Hij was tussen 18 en 24 jaar oud en werd wellicht geraakt door een granaat. Op zijn ingeslagen schedel werd een zakbijbeltje gelegd. Kort daarop, werd het lichaam toegedekt met een zeildoek. Deze jonge knaap kon niet geïdentificeerd worden en werd bijgezet op de Tyne Cot Cemetery.

Links

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/The_Road_to_Passchendaele"
Personal tools