Pommern
| SMS Pommern (slagschip) | |
|---|---|
| Land: | Duitsland |
| Klasse: | Deutschland-klasse (5 schepen: Deutschland, Hannover, Pommern, Schleswig-Holstein, Schlesien) |
| Waterverplaatsing (toegelaten tonnen): | 13.200 (normaal tonnen) |
| Afmetingen (lengte / breedte / diepgang): | 125,9 m / 22,2 m / 7,7 m |
| Bewapening (kanons / torpedobuizen): | 4 x 28 cm 14 x 17 cm 20 x 8,8 cm / 6 x 45 cm |
| Pantser (gordel / dek / hoofdgeschutstorens): | 24 cm / 7,5 cm / 28 cm |
| Voortstuwingsinstallatie (ketels / machines): | 12 / vert. triple expansie, 3 schroefassen |
| Totale APK: | 23.500 |
| Brandstofvoorraad: | kolen, 1800 t; teerolie, 200 t |
| Prestaties (snelheid / actieradius): | 19,3 knopen / 5.500 zeemijl |
| Bemanning: | 743 |
| Gebouwd door: | Vulcan, Stettin |
| Opdracht verstrekt: | |
| Kiel gelegd: | apr. 1904 |
| Tewaterlating: | dec. 1905 |
| In dienst gesteld: | zomer 1907 |
| Einde: | 1 juni 1916, getorpedeerd |
De SMS Pommern was een slagschip van de Deutschland-klasse, waarvan in 1903 bij Krupp de kiel gelegd werd van het eerste gelijknamige schip van die klasse.
Specialisten uit die tijd hadden het over over-bewapende schepen. Voor en achteraan was een geschutstoren van twee 28 cm kanons. Gespreid over bakboord en stuurboord waren er dan nog eens veertien 17 cm kanons en twintig 8,8 cm en vier 2,2 cm stukken. Verder beschikte men over zes torpedobuizen onder water waarvan één in de voorsteven, één in de achtersteven en twee aan beide zijden, elk voor 45 cm torpedo’s. De waterverplaatsing voor deze schepen bedroeg ongeveer 13.200 ton. Hun lengte was 131 meter en de maximum breedte bedroeg 22 meter. Gemiddelde diepgang was 7,65 meter.
De machines waarover men beschikte waren drie drie-cilinders. De boilers waren van het type Schulz-Thornycroft. Dit alles was goed voor een totaal van niet minder dan 16.000 pk en goed voor een snelheid van 18 knopen. De aandrijving gebeurde door drie enkele schroeven. Er was tevens een opslagcapaciteit van 1800 ton kolen, maar normalerwijze was hiervan slechts een 800 ton effectief aan boord. In de dubbele bodem had men nog eens een opslagcapaciteit van 200 ton vloeibare brandstof. Het maximale radius was 5500 mijlen bij 10 knopen.
Er werden vijf schepen van deze klasse gebouwd: Deutschland (vlaggenschip van de Duitse vloot tot 1912), Hannover, Pommern, Schleswig-Holstein en Schlesien. Wat de Pommern zelf betreft, deze werd gebouwd op de Vulcan scheepswerven te Stettin en de kiel ervan werd in 1904 gelegd. De tewaterlating gebeurde in december van 1905 en de afwerking was in 1907.
Het schip werd tot zinken gebracht door een torpedo rond middernacht in de nacht van 31 mei op 1 juni 1916 tijdens de Slag bij Jutland door een torpedobootjager van de 12de Britse flottielje. 839 bemanningsleden kwamen hierbij om.
Johan Ryheul 2002
