/** * */

Ordnance QF 15 pounder "Erhardt"

Ordonance 15pdr Erhardt quick fire gun.
Enlarge
Ordonance 15pdr Erhardt quick fire gun.
15pdr Erhardt quick fire gun
Gebouwd door: Rheinische Metaallwaren und Maschinen
Bouwjaar: 1901
Gewicht geschut: 1000kg
Totale lengte:
Lengte loop: 2.184 m
Gewicht granaat: 6.35kg
Kaliber: 76.2 mm
Elevatiehoek: min 5° tot plus 16°
Traverse: {{{traverse}}}
Vuursnelheid: 20 schoten/minuut
Mondingssnelheid: 510 m/s
Bereik: 6400 m
Gebruik: Groot-Britannië (108), Noorwegen( 180), Verenigde Staten (50)
Bijzonderheden:

Inhoud

Introductie

Tijdens de boerenoorlog werd het Britse leger geconfronteerd met het 7.7cm Feldkanone 96 n.A., aangekocht bij Krupp door de "boeren". Het standaard Britse veldgeschut de Ordnance BL 12 pounder 7 cwt Was hier totaal niet tegen opgewassen, zijnde een stuk zonder terugslagrem.

Aankoop

Omdat het ontwikkelen van een nieuw stuk geschut jaren duurt, en de Britten bovendien met het ontwerp van Hydropneumatische terugslagremmen geheel onbekend terrein betrad werd snel een commissie uitgezonden naar Europa om te kijken wat er zoal "op de markt" was aan modern veldgeschut. Een Britse officier die de firma Rheinische Metaallwaren und Maschinen fabriek bezocht dan ook heel verbaast er een prototype van een totaal onbekend stuk snelvuurgeschut te vinden: het "15pdr Erhardt quick fire kanon" (originele Duitse benaming is mij niet bekend.) Dit stuk was ontwikkeld in 1895-1897 (onafhankelijk van de Canon de 75 modèle 1897) door Erhardt, de directeur van het bedrijf, dat hiermee voor het eerst een kanon in productie nam. Het bedrijf werd al snel door zijn vernieuwingen die het in de artillerie invoerde (ondermeer een geheel nieuwe en snelle methode om geschutslopen te maken) een industriële reus en beter bekend onder de naam Rheinmetall.

Snel werd besloten 108 stuks aan te kopen om in te zetten in de boerenoorlog. Omdat anti-Britse gevoelens hoogtij vierden in Duitsland op dat moment, werd de aankoop in het geheim gedaan en pas publiekelijk gemaakt toen alle kanonnen voltooid waren en naar Groot-Britannië verscheept waren.

Britten en snelvuur veldgeschut

Op deze manier maakte het Britse leger kennis met modern snelvuur veldgeschut. De geruchten van de kwaliteiten van het Franse Canon de 75 modèle 1897 werden tot dan toe afgedaan als overdrijvingen en misleidende geruchten, maar de confrontatie met het 7.7cm Feldkanone 96 n.A. tijdens de boerenoorlog maakte duidelijk aan de sceptische Britten dat snelvuur veldgeschut wel degelijk mogelijk was.

Nadelen

Het kanon, "Erhardt" genoemd in het Britse leger, naar zijn ontwerper, had echter nadelen. Het was een handgemaakt kanon. Dit betekent dat onderdelen passend worden gemaakt door manuele arbeid, en dat dus alle kanonnen een beetje van elkaar verschillen, wat het gebruik van reservestukken in het veld of een klein reparatieatelier onmogelijk maakte. Enkel in een gespecialiseerde workshop kon het kanon dan worden gerepareerd door vaklui. Ook was het affuit aan de zwakke kant, en moesten de oorspronkelijk stalen wielen door houten vervangen worden. Later werd er een schild aan toegevoegd.

Belang

Doch het belangrijkste was dat het het Britse leger in één klap deed kennis maken met modern snelvuur veldgeschut. Het werd dan ook gebruikt om nieuwe taktieken te perfectioneren en om in onderdelen uit elkaar te halen en het terugslagmechanisme te bestuderen. Verder werd men gewaar wat de mogelijkheden van zulk type geschut waren en werden specificaties voor een eigen snelvuur veldstuk gebaseerd op de ervaringen die men met de Erhardt had opgedaan. Dit resulteerde dan uiteindelijk in de specificaties voor en het ontwerp en bouw van de Ordnance QF 18 pounder (de Erhardt had net zoals de eerste versie van de 18pdr een terugslagmechanisme gebaseerd op veren) en de Ordnance QF 13 pounder. Er is geschat dat deze aankoop het Britse leger 5 tot 10 jaar tijd uitspaarde doordat men ineens een ontwikkelde technologie in handen kreeg.

Gebruik

De meeste kanonnen, behalve degene die voor studie in Groot Brittannië bleven, werden onmiddelijk naar het front in zuid Afrika gestuurd. Toen de British Expeditionary Force naar Frankrijk werd gestuurd hadden de territoriale troepen (een soort "weekendsoldaten" die regelmatig bijeenkwamen om te trainen) nog steeds het 15pdr Erhardt quick fire kanon in dienst, maar dit werd na de eerste ervaringen in de strijd en wanneer de productie van nieuwe kanonnen het toeliet (1916), ook uitgerust met het veruit superieure Ordnance QF 18 pounder. Ook troepen in het nabije oosten waren er mee uitgerust, daar werden ze ook in 1916 vervangen. Na begin 1916 verwierf de Britse marine 76 van de overblijvende stuks om koopvaardijschepen te bewapenen.

Personal tools