/** * */

OHL

Centraal staat Oberster Kriegsherr Wilhelm II. De twee heren naast Wilhem II zijn Oberste Heeresleitung links Paul von Hindenburg en rechts Erich Ludendorff
Enlarge
Centraal staat Oberster Kriegsherr Wilhelm II. De twee heren naast Wilhem II zijn Oberste Heeresleitung links Paul von Hindenburg en rechts Erich Ludendorff

De Oberste Heeresleitung (OHL) was het opperbevel van het Duitse keizerlijke leger tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het opperbevel was in handen van de keizer, die werd bijgestaan door de chef van de generale staf (tot sept. 1914 v. Moltke, tot aug. 1916 v. Falkenhayn) en zetelde vanaf 8 mrt. 1918 in het Belgische Spa (daarvoor achtereenvolgens in Koblenz, Luxemburg, Mézières-Charleville, Pless, Kreuznach en Avesnes). Na het vertrek van kanselier Von Bethmann Hollweg trok de OHL alle macht naar zich toe, daarbij keizer Wilhelm II en de Rijksdag - waar alleen de onafhankelijke socialisten van de USPD nog tegenvuur boden - tot marionetten degraderend.

In oktober 1918 besefte de leiding van de (3de) OHL, Paul von Hindenburg en Erich Ludendorff dat de oorlog niet meer te winnen was. Nu wilde de OHL de verantwoording leggen bij de volksvertegenwoordiging. Met name Ludendorff maakte zich daarbij zo onmogelijk dat hij op 26 oktober werd ontslagen en opgevolgd door generaal Wilhelm Groener.

Groener speelde een doorslaggevende rol bij de afloop van de oorlog. Hij zorgde voor een blijvende samenhang van het Duitse leger en liet de OHL een belangrijke rol spelen onder de burgerregering en tijdens de wapenstilstandsonderhandelingen. Hij was het die Wilhelm adviseerde om af te treden terwijl de oude Pruis Hindenburg en het overgrote deel van de Pruisische staf van de OHL dat nooit over hun hart konden verkrijgen. Hierdoor hield de OHL tot zijn opheffing in voorjaar 1919 een centrale rol.

In Oostenrijk-Hongarije heette het opperbevel Armeeoberkommando.

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/OHL"
Personal tools