/** * */

Mills handgranaten

Een No.5 Mills
Enlarge
Een No.5 Mills
De Mills werd door William Mills ontwikkeld en gefabriceerd in 1915 in de Mills Munition Factory die gevestigd was in Birmingham. Van 1915 tot 1971 deed de Mills-handgranaat dienst bij het Britse leger als standaardhandgranaat, maar ook andere landen namen de Mills in gebruik.

Inhoud

No.5

Een No.23 Mills MkII voorzien van een staaf
Enlarge
Een No.23 Mills MkII voorzien van een staaf

De Mills had een klassiek ontwerp. Het was een gietijzeren "ananas" met wafelijzermotief waarvan de striker was bevestigd aan een smalle hefboom die werd beveiligd met een gewone pin. Het lichaam was voorzien van blokjes zodat de granaat fragmenteerde bij een explosie. Door deze blokjes had de werper een betere grip op de granaat. De Mills had een lengte van 9,85 cm, een diamater van 6,1 cm en een gewicht tot 765 gram. Een goede werper kon de granaat met een behoorlijke precisie 30 meter ver werpen. Het was een defensieve granaat. Na het gooien van de handgranaat moesten de werper en zijn eenheid onmiddellijk dekking zoeken, want na 7 seconden - later na 4 seconden - ontplofte de handgranaat en vlogen de granaatscherven verder dan 30 meter.

De No.5 was de eerste en eenvoudigste variant. Hij werd voorzien van een holle base-plug. Dit maakte de granaat ongeschikt voor het lanceren vanaf een geweer. De latere varianten waren daar wel voor geschikt.

No.23

Cradle-style cup met een No.23
Enlarge
Cradle-style cup met een No.23
Een No.36 Mills voorzien van een gas-check plaat
Enlarge
Een No.36 Mills voorzien van een gas-check plaat

De No.23 Mills, die werd geïntroduceerd in juni 1916, was de eerste Millsgranaat die gebruikt kon worden als geweergranaat. Door middel van een gat met een schroefdraad voor de base plug, kon een staaf aan de granaat bevestigd worden. Al snel na de invoering van de No.5 tijdens de Eerste Wereldoorlog was er behoefte aan geweergranaten. Met behulp van een gemodificeerde base plug kon daaraan worden voldaan. De cradle-style cup was een "beker" aan het uiteinde van het geweer dat de hefboom vastgreep zodat de handgranaat niet in werking kwam na het verwijderen van de pin. Als de granaat werd afgevuurd, werd de hefboom losgelaten en werd de handgranaat geactiveerd.

Er waren ook nadelen. Het bevestigen van de staaf in de loop van het geweer kon de loop van het geweer beschadigen of snel laten slijten omdat de druk van de explosie te lang in de loop bleef "hangen". Bij een gewone patroon verlaat de kogel de loop na een fractie van een seconde zodat de druk sneller uit de loop verdwijnt.

Het plaatsen van de cradle-style cup kon ook problemen opleveren. Wanneer de cradle-style cup werd bevestigd, konden de soldaten geen gebruik maken van de bajonet op het geweer met uitzondering van een berperkt aantal modellen. De No.23 Mills werd niet lang gebruikt, zodat men al gauw overging op een betere versie, de No.36.

No.36

Lee Enfield met de Cup Discharger en No.36 Mills
Enlarge
Lee Enfield met de Cup Discharger en No.36 Mills

De No.36 Mills werd geïntroduceerd in augustus 1917. Voorzien van een gas-checkplaat die onderaan de base plug werd bevestigd, kon de No.36 afgevuurd worden met behulp van een Burns cup-lanceerder. Deze methode staat een groter assortiment met meer nauwkeurigheid dan de voorgaande No.23 toe. Zonder de gas-checkplaat kon hij gebruikt worden als een standaard-handgranaat.

De No.36M was het laatste ontwerp en werd voorzien van schellak voor het toepassen in warme en vochtige klimaten zoals in 1917 toen de Britten in Mesopotamië gestationeerd waren. Voor die tijd werd de handgranaat onbruikbaar als deze in water terecht kwam. Door de schellak werd de handgranaat waterdicht. Dit zou later, zoals bij de landingen in Normandië op 6 juni 1944, van nut blijken te zijn.

Onderdelen

  • 1 steunpunt hefboom
  • 2 beveiligingspin
  • 3 filler screw (Schroef die toegang heeft tot de kruitkamer).
  • 4 lichaam met fragmenten
  • 5 striker met veer die de ontsteking in werking zet.
  • 6 striker kamer
  • 7 hefboom of handgreep
  • 8 lont (tijdsduur 4 tot 7 sec naarmate model).
  • 9 kruitkamer
  • 10 cartridge cap (ontsteker)
  • 11 contact slaghoedje en lont
  • 12 base plug
  • X waar de detonator bevond.

Soorten Base Plugs

Base Plugs van de No.5
Enlarge
Base Plugs van de No.5
Base Plugs van de No.23
Enlarge
Base Plugs van de No.23
Base Plugs van de No.36 MkI & Mk II
Enlarge
Base Plugs van de No.36 MkI & Mk II
Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Mills_handgranaten"
Personal tools