/** * */

John Arbuthnot Fisher

John Arbuthnot Fisher (foto ca. 1895)
John Arbuthnot Fisher (foto ca. 1895)
Sir John Arbuthnot ("Jacky") Fisher, Baron (1909), Lord Fisher of Kilverstone (1919), Brits admiraal, * Ceylon, 25 januari 1841, † Londen, 10 juli 1920.

Fisher kwam uit een gezin van zeven kinderen. Zijn vader, een arme koffieplanter, stuurde zijn kinderen naar familie in Engeland omdat hij hun opvoeding niet kon bekostigen. Reeds op 13-jarige leeftijd nam Fisher dienst bij de marine, waar hij al snel promotie maakte. In 1869 werd hij bevorderd tot kapitein-luitenant en overgeplaatst naar het steunpunt van de Engelse marine in China op het vlaggenschip Ocean. In 1882 nam hij met de Middellandse Zeevloot deel aan de expeditie naar Egypte om een Arabische revolte neer te slaan. In 1883 werd hij op 42-jarige leeftijd kapitein van het opleidingschip Excellent. Van 1886-1890 was hij directeur van de Naval Ordnance, het onderdeel van de marine, dat toeziet op voorraden en materieel. In 1892 werd Fisher Third Sea Lord. Tussen 1899 en 1902 was hij opperbevelhebber van de Middellandse Zeevloot. In 1902 werd hij Second Sea Lord en was van 1904 tot 1910 ten slotte First Sea Lord, de hoogste functie bij de Royal Navy.

Wat Tirpitz was voor Duitsland, was Fisher voor Engeland. Alleen moest Tirpitz uit het niets een vloot opbouwen, terwijl Fishers revolutionaire ideeën om de Britse vloot te hervormen, zoals hij die na zijn aantreden als First Sea Lord lanceerde, op weerstand stuitten binnen de Admiraliteit, die van oudsher naar conservatisme neigde. Daarbij kwam, dat Fisher bij de realisering van zijn plannen over lijken ging, plannen, die goeddeels waren ingegeven door de maritieme wapenwedloop met Duitsland, maar die wereldwijd voor een radicale omwenteling in de opvattingen over vloottactiek en maritieme strategie zouden zorgen.

Fishers ambitieuze voorstellen beoogden een groots bouwprogramma om de vloot te moderniseren dat voorzag in de bouw van super-slagschepen die uitsluitend waren uitgerust met een bewapening van het zwaarste kaliber en bovendien sneller waren dan enig ander slagschip. Het eerste schip van deze soort, de Dreadnought, werd in recordtijd van een jaar gebouwd en was in 1906 voltooid. De volgende stap was de slagkruiser, die twee jaar later verscheen: een hybride van een slagschip en een kruiser. Verder strekten Fishers plannen, die internationaal werden nagevolgd, zich uit tot een nieuwe generatie torpedobootjagers en onderzeeboten. In de zomer van 1914 bezat de Engelse Grand Fleet (een nieuwe naam voor de gecombineerde Kanaalvloot en de Home Fleet) 20 dreadnoughts en negen slagkruisers. De Duitsers hadden op dat moment 13 dreadnoughts en vier slagkruisers.

Na zijn terugtreden in 1910 bleef Fisher adviseur van Churchill, maar werd na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog opnieuw First Sea Lord, gaf opdracht tot de vernietiging van het Duitse kruisereskader bij de Falkland-Eilanden (zie: Slag bij de Falkland-Eilanden), organiseerde de blokkade tegen Duitsland en stelde een landing van Russische troepen op de Duitse Oostzeekust voor. Als tegenstander van de Dardanellen-operatie trad hij in 1915 terug.

In Engelse maritieme kringen wordt hij over het algemeen beschouwd als de belangrijkste figuur in de geschiedenis van de marine na Nelson.

Literatuur

  • Fisher, John Arbuthnot: Memories. London: Hodder & Stoughton, 1919.
  • Fisher, John Arbuthnot: Records, idem.
  • Kemp, P.K. (ed.): The papers of admiral Sir John Fisher. Greenwich: The Navy Records Society, 1960, 1964.
Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/John_Arbuthnot_Fisher"
Personal tools