/** * */

Duitse vliegtuigbommen

Inhoud

A.P.K. Bommen

De eerste Duitse bommen speciaal ontwikkeld om afgeworpen te worden door een vliegtuig waren de A.P.K. bommen. (A.P.K. staat voor Artillerie-Prüfungs-Kommision: Artillerie-test-komissie). Dit waren gietijzeren omhulsels met een gestroomlijnde vorm, gevuld met explosieven. De bommen werden getest in 5kg en 10kg versies in 1912-1913 doch niet in productie genomen.

Carbonit Bommen

Ontwikkeld door Carbonitt-Sprengstoff A.G. waren de eerste bommen ingezet. Ze werden ontwikkeld om betere prestaties dan de A.P.K. bommen te bereiken. De bommen hadden een druppelvormig lichaam uit gietijzer gevuld met TNT (tri-nitro-tolueen, een stabiele springstof nu nog gebruikt bij mijn en constructie-destructie werken). Ze hadden een ringvormige staart voor de stabilistatie. Erg vernieuwend was de ontsteking: in de staart van de bom was een kleine rotor aangebracht die begon te roteren door de luchtweerstand als de bom was afgeworpen. Na een bepaald aantal omwentelingen van deze rotor werd de ontsteking op scherp gesteld. Zo was de ontsteking niet actief voordat de bom werd afgeworpen en konnen de bommen veilig door het grondpersoneel gemanipuleerd worden. Verder hadden de bommen nog een kleine, spitse stalen snuit om het doordringingsvermogen op harde doelen te vergroten. De bommen werden aan hun staart vertikaal opgehangen in/aan het vliegtuig.

In praktijk bleken ze toch niet optimaal te zijn: Zo weken ze bij zijdelingse wind soms sterk van hun koers af bij het vallen en waren ze over het algemeen veel te klein (beschikbare gewichten: 4,5 kg; 10 kg; 20 kg; 50kg)

Verder was er nog een Carbonit brandbom. Deze bestond uit een cylindrische blikken container met een ontsteker in de staart en een ronde staart voor stabilisatie na het afwerpen. Deze brandbom werd gevuld met een mengsel van 1 deel benzine, vijf delen kerozine en een beetje vloeibare teer. Omdat dit mengsel zo brandbaar was, werden de bommen pas net voor het opstijgen gevuld. De bom woog 10 kg waarvan 3,5 kg brandbare stof.

Goldschmidt bom

Dit was een andere brandbom, met een vormgeving ongeveer gelijk aan de Carbonit bommen. De bom was gevuld met een mengsel van benzol, teer en thermiet. Ze was opgebouwd uit een binnenste metalen cylinder waar het thermiet in zat, omgeven door een dun metalen omhulsel dat de benzol( 3,5 liter) bevatte. Dit metalen omhulsel werd dan ter versteviging en als extra brandstof omwikkeld met in teer gedrenkt touw.

P.u.W. Bommen

Omdat de Carbonit bom te klein en inaccuraat bleek te zijn werd er door de P.u.W. (Prüfanstalt und Werft der Fliegertruppe: Test establissement en fabriek van de vliegende troepen) in samenwerking met een firma die richtapperatuur voor bommenwerpers bouwde een nieuwe serie bommen ontworpen.

P.u.W. Bommen van 100 kg, 300 kg en 1000 kg. Let op de gedraaide staartvinnen voor de stabilisatie.
Enlarge
P.u.W. Bommen van 100 kg, 300 kg en 1000 kg. Let op de gedraaide staartvinnen voor de stabilisatie.

Deze bom had een gestroomlijnd, torpedovormig, lichaam met gedraaide vinnen aan de achterkant wat voor een stabiele en voorspelbare val zorgde. De stabiliteit tijdens het vallen werd verhoogd doordat de gedraaide vinnen de bom een draaiing rondom zijn lang-as gaf, waardoor deze door gyroscopische effecten stabieler werd. (Dit is het zelfde principe dat artillerie met getrokken loop zoveel nauwkeuriger maakt dan gladloops artillerie)

In tegenstelling tot de Carbonit bom werden deze bommen horizontaal opgehangen aan of in het vliegtuig. Het kleinste model van deze P.u.W. 's (12,5 kg) werd in speciale containers van 6 bommen vervoerd. De bom was gemaakt uit hoge kwaliteits-staal wat een hoger doordringend vermogen gaf. Er waren 6 verschillende gewichten van deze bommen beschikbaar, waarbij de drie zwaarste modellen twee ontstekers hadden om deze zeker te laten ontploffen bij inslag. De beschikbare gewichten waren: 12,5kg; 12,5kg brandbom; 50kg; 100kg; 300kg; 1000kg.

Meer dan 700 stuks 1000kg P.u.W. bommen werden tijdens de eerste wereldoorlog afgeworpen, de meeste door Friedrichshafen G IIIa bommenwerpers en ook door enkele R-typen (Riezenflugzeuge).

De P.u.W. bom wordt over het algemeen beschouwd als de "vader" van alle moderne vliegtuigbommen.

Geïmproviseerde bommen

Een voorbeeld van een geïmproviseerde bom was een 21 cm howitzer granaat waar staartvinnen werden aangelast om een bom geschikt voor gebruik tegen pantser te bekomen. (de P.u.W bom had wel een verhoogd doordringingsvermogen, maar was niet geschikt om pantser of verharde doelen te doorboren).

Ook werden aangepaste handgranaten gebruikt door lichtere vliegtuigen als slagveldondersteuning. Deze werden gewoon meegevoerd in rekken, binnen handbereik van de piloot of meestal de observator/schutter, en gewoon op zicht afgeworpen.

Niet echt vallend onder de titel bommen, maar wel als een ander slagveldondersteuningswapen werd in de romp van sommige toestellen tot 4 mitrailleurs onder een hoek van 45 to 60 graden schuin naar voren/beneden gericht gemonteerd om onbeschermde troepen/opslagplaatsen etc. te beschieten.

Elektron bom

Een zeer efficiënte en geavanceerde brandbom was de zogenaamde "Elektron" bom. Elektron was de Duitse benaming voor een magnesium legering. De bom was gemaakt van een omhulsel van dit magnesium dat een lading thermiet bevatte. De "bom" woog slechts 1100 gram maar brandde zo heet dat het door pantserstaal heen kon smelten. Daarenboven was het (bijna) onmogelijk deze bom te doven eens ze in brand schoot. Er was een kleine percussieontsteker die het thermiet ontstak en dit brandde korttijdig met een temperatuur van 1500 °C. Dit was heet genoeg om het Elektron (Magnesium) omhulsel te doen ontbranden, dat 15 minuten lang met een temperatuur van 2500 °C brandde. Als men water op zulke brandende bom gooide, was het effect dat het water door de hoge temperatuur in waterstof en zuurstof ontbond (een zeer explosief mengsel), wat dan op zijn beurt ontplofte. Het enige wat men eigenlijk kon doen was de bom gewoon laten uitbranden.

het idee was om duizenden van deze kleine bommen in zwermen boven het doel af te werpen, zodat er een plethora aan ondoofbare vuren ontstonden. In juli 1918 waren er voldoende bommen geproduceerd om ingezet te worden, ook waren de bommenwerpers aangepast met speciale "magazijnen" om groepen van deze bommen te vervoeren en af te werpen, doch ze mochten van het opperbevel niet gebruikt worden boven Engeland uit angst voor represailles met gelijkaardige wapens. Volgens sommige bronnen zou de Keizer op het laatste moment, toen de bommenwerpers letterlijk klaar stonden om ingezet te worden met elektron bommen, ingegrepen hebben en het gebruik van de bommen verboden. Ze vormde de basis voor de Duitse brandbom gebruikt tijdens de tweede wereldoorlog.

Andere bommen

Aangezien de bom een nieuw wapen was aan het begin van de eerste wereldoorlog, is het waarschijnlijk dat er, zeker in het begin, veel gebruik werd gemaakt van geïmproviseerde en experimentele wapens.

Zo is er ondermeer sprake van de Chataldzha bom, een bom die ontwikkeld was in 1912 in Bulgarije tijdens de Balkanoorlog. Deze was eigenlijk een vergrote handgranaat voorzien van stabilisatievinnen. Volgens sommige bronnen werden de plannen van deze bom aan Duitsland verkocht en door deze laatste geproduceerd en ingezet.

Zweefbom van 1000kg ontwikkeld door Siemens-Schuckert. Vooraan op de bom is een kleine door een propellor aangedreven dynamo zichtbaar die de stroom voor de besturing voorzag. Erachter is een cylinder te zien die de geleidingskabel bevat.
Enlarge
Zweefbom van 1000kg ontwikkeld door Siemens-Schuckert. Vooraan op de bom is een kleine door een propellor aangedreven dynamo zichtbaar die de stroom voor de besturing voorzag. Erachter is een cylinder te zien die de geleidingskabel bevat.


Ook was er bv. een experimentele 1000kg zweefbom ontwikkeld door Siemens-Schuckert. Deze bom werd van stroom voor de bewegende oppervlakken voorzien door een wind-aangedreven generator op de neus. Een cylinder erachter bevatte het spoel met de draad waarlangs besturingskommandos vanuit de bommenwerper konden worden gegeven. Deze bom was door Siemens-Schuckert ontwikkeld om opgehangen te worden onder de vleugels van de Siemens-Schuckert SSW R.VIII bommenwerper (een R-type, Riesenflugzeug, deze laatste is de grootste bommenwerper ontwikkeld door de strijdende partijen tijdens de eerste wereldoorlog, doch net niet op tijd klaar voor inzet). Ook waren er prototypes van torpedos die van vleugels waren voorzien. Deze zouden dan geleid vanuit een vliegtuig of zeppelin zweven tot vlak bij hun doel en dan hun vleugels afwerpen en als een gewone torpedo het doelschip onder water treffen.

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/Duitse_vliegtuigbommen"
Personal tools