/** * */

De matrozenopstand in Kiel

Inhoud

De matrozenopstand van Kiel 1918

Begin november 1918 brak muiterij uit op een aantal schepen van de Keizerlijke Hochseeflotte die voor anker lagen bij de Noordduitse plaats Wilhelmshaven. Deze muiterij zou zowel het einde van het Duitse keizerrijk als het begin van de socialistische novemberrevolutie en de wapenstilstand van 1918 als gevolg hebben.

De aanleiding

In oktober 1918 lanceerde de chef-staf van de "Oberste Seekriegsleitung", schout-bij-nacht v. Trotha, een plan om de Duitse vloot nog eenmaal een beslissende slag te laten leveren met de Britse Royal Navy. Hij hield er daarbij zelfs mogelijk rekening mee dat dit plan een vorm van zelfvernietiging zou kunnen betekenen. Dit gebeurde terwijl de nieuw gevormde regering van Prins Max van Baden al bezig was om onderhandelingen te voeren met de geallieerden teneinde tot een wapenstilstand te komen.

Admiraal Reinhard Scheer, chef van de Seekriegsleitung en als zodanig de meerdere van v. Trotha gaf op 24 oktober bevel om dit plan daadwerkelijk uit te voeren.

Het begin van de muiterij

muitende matrozen te Kiel, oktober 1918
Enlarge
muitende matrozen te Kiel, oktober 1918

In afwachting van de slag ging de Duitse Hochseeflotte bij Wilhelmshaven voor anker. Ondanks geheimhouding door de staf ging het plan als gerucht al spoedig rond.

Op 30 oktober 1918 begonnen sommige bemanningen hun bevelen te weigeren. Op drie schepen van het 3de eskader weigerden de matrozen het anker te lichten. Op de slagschepen van het 1ste eskader Helgoland en Thüringen brak een werkelijke muiterij uit, inclusief sabotage. De matrozen waren ongerust over de kans dat ze vlak voor het eind van de oorlog nog een, in hun ogen, zinloze zeeslag moesten voeren alleen voor de eer van hun bevelhebbers.

Het opperbevel gaf zich niet zomaar gewonnen. Op 31 oktober richtten enige U-boten en torpedoboten hun wapens op de Helgoland en de Thüringen. De matrozen lieten zich vervolgens zonder tegenstand arresteren.

Het opperbevel van de marine liet nu toch haar oorspronkelijke plan voor een beslissende zeeslag varen, omdat het blijkbaar niet meer kon rekenen op onvoorwaardelijke gehoorzaamheid van de manschappen. Het 3de eskader werd teruggestuurd naar haar thuishaven Kiel. De commandant Kraft dacht zijn manschappen na een gelukte oefening weer geheel in de hand te hebben. Tijdens de reis naar Kiel liet hij 47 matrozen van de SMS Markgraf arresteren. Hij hield hen verantwoordelijk voor de muiterij.

De opstand in Kiel

Bij aankomst in Kiel werden de arrestanten dadelijk aan wal gebracht en ingesloten. De rest van de matrozen kreeg een ruimhartig verlof aan land. Teruggekeerd van hun verlof zetten de matrozen toch alles in beweging om ervoor te zorgen dat ze niet opnieuw uit zouden hoeven te varen, en dat hun gearresteerde kameraden vrij zouden komen. Ongeveer 250 van hen kwamen in de avond van 1 november bijeen in het kantoor van de vakbond. Deze vergadering leidde niet tot welke oplossing dan ook. De volgende dag werd het kantoor door de politie afgegrendeld, maar ook dat maakte de zaak er niet beter op: de menigte demonstranten op het grote plein groeide gestadig aan. Matroos Karl Artelt en Lothar Popp riepen de menigte op de volgende dag terug te komen om opnieuw te demonstreren. Matrozen en andere arbeiders werden opgeroepen naar de openluchtvergadering te komen en de gearresteerde kameraden te steunen.

De volgende middag, 3 november, kwamen duizenden mensen naar het plein bij het vakbondskantoor. Niet alleen matrozen, maar ook vrouwen en mannen uit de arbeidersklasse in Kiel kwamen opdagen. Ze eisten niet alleen de vrijlating van de muitende matrozen, maar ook een einde aan de oorlog en ook brood en andere levensmiddelen. Ze voegden de daad bij het woord. De gearresteerde kameraden werden bevrijd uit hun tijdelijke gevangenis (Waldwiese). Bovendien werden de wapenkamers leeggehaald.

Luitenant Steinhäuser, die de opdracht had de demonstranten te beletten binnen ter komen, liet zijn manschappen eerst waarschuwingsschoten lossen, en daarna gericht op de menigte schieten. Dat kostte 7 mensenlevens en 29 zwaargewonden. Uit de menigte werd teruggeschoten, waardoor ook Steinhäuser zwaar gewond raakte (hij genas vrijwel geheel). Uiteindelijk trokken zowel demonstranten als politietroepen zich terug. Deze demonstratie wordt gezien als het begin van de novemberrevolutie in Duitsland.

De volgende morgen, 4 november, gingen de demonstraties verder. De aangetreden soldaten en matrozen in de grote kazerne in Kiel waren niet onder de indruk van de woorden die hun commandant op het appèl sprak. Buiten de kazerne riep Karl Artelt op om soldatenraden op te richten. De plaatselijke gouverneur Wilhelm Souchon kon niet anders dan met de opstandelingen in onderhandeling gaan.

Tegen de avond was Kiel geheel in handen van de opstandelingen. Het plaatselijke garnizoen had zich ook aan hun zijde geschaard. Op bijna alle schepen werd de rode revolutievlag gehesen. Overal werden soldatenraden opgericht. Kort daarop werd ook een arbeidersraad gevormd door vakbondsvertegenwoordigers en dito van de socialistische partijen. Vervolgens werden door de gezamenlijke arbeiders- en soldatenraden op 5 november de 14 Kieler eisen geformuleerd.

De Kieler eisen

1. Vrijlating van alle politieke gevangenen en andere gearresteerde personen;
2. Volledige vrijheid van woord en drukpers;
3. Opheffing van de censuur op briefverkeer;
4. Objectieve behandeling van de manschappen door meerderen;
5. Terugkeer van alle kameraden op hun schip of in de kazerne, zonder strafmaatregelen;
6. Het uitvaren van de vloot moet onder alle omstandigheden achterwege blijven;
7. Geen veiligheidsmaatregelen met bloedvergieten;
8. Terugtrekken van alle troepen die niet bij het garnizoen behoren;
9. Alle maatregelen voor de bescherming van persoonlijk eigendom worden dadelijk door de soldatenraad uitgevoerd;
10. Buiten dienst zijn er geen meerderen meer;
11. Onbeperkte persoonlijke vrijheid van iedere man als hij niet in dienst is;
12. Officieren die zich met de soldatenraden solidair verklaren worden door ons in ons midden begroet. Alle anderen moeten zonder aanspraak op ondersteuning de dienst verlaten;
13. Ieder lid van de soldatenraad is vrijgesteld van andere dienst;
14. Verdere toekomstige maatregelen worden alleen getroffen met toestemming van de soldatenraad.

De matrozen dreigden om het officierskwartier Düstenbrook vanaf de door hen bezette schepen te beschieten als deze eisen niet werden ingewilligd. Toen tegen de afspraken tussen Artelt en Souchon in troepen binnenkwamen om de beweging alsnog neer te slaan werden die door de matrozen opgevangen en trokken zich terug of sloten zich aan bij de opstand.

De regering beslecht het conflict

Inmiddels was de parlementariër Gustav Noske (SPD) samen met staatssecretaris Haussmann in Kiel aangekomen. Noske kreeg een enthousiast onthaal van de opstandelingen en werd al de volgende dag tot voorzitter van de arbeiders- en soldatenraad gekozen. Korte tijd daarna nam Noske de post van gouverneur over van Souchon, waarmee feitelijk de bestaande machtsstructuur in de stad weer hersteld was.

Personal tools