/** * */

Bèta-Gerät 09

Bèta Gerät 09 in vuurstelling, klaar voor het laden.
Enlarge
Bèta Gerät 09 in vuurstelling, klaar voor het laden.
Bèta-Gerät 09
Gebouwd door: Krupp
Bouwjaar: 1908-1909
Gewicht geschut: 55000 kg inclusief bedding van 10000kg.
Totale lengte: 9,2m
Lengte loop: 3,6 m
Gewicht granaat: 400 (panzergrante) of 333 kg (langgranate)
Kaliber: 305 mm
Elevatiehoek: plus 43° tot plus 65° (voor vuren, laden bij min 7° elevatie)
Traverse: {{{traverse}}}
Vuursnelheid: TEKST schoten/minuut
Mondingssnelheid: 418 m/s (langgranate)
Bereik: 12000 m
Gebruik: Duitsland
Bijzonderheden: Verkleinde uitvoering Gamma Gerät doch beweeglijker, en grotendeels tegelijkertijd ermee ontwikkeld


Inhoud

Benamingen

Hoewel naar het geschut meestal gerefereerd wordt als het Bèta-Gerät 09 had het ook een alternatieve benaming: s.Kust.Mrs 09: Zware kustverdedigingsmortier model 1909 (een camouflage-benaming zodat zou lijken dat het een marinegeschut was)

Ontwikkeling en bouw

In 1904 bestelde het leger bij Krupp een verbeterde versie van het Bèta Gerät met hydropneumatische terugslagrem. Aangezien de ombouw van dit geschut in deze vorm een volledig herontwerp en enkele jaren ontwikkeling vroeg, stemde het leger erin toe om één extra batterij Bèta Gerät te bestellen, voor snelle levering en ondertussen Krupp te laten verder werken aan de verbeterde versie.

Ondetussen had het leger samen met Krupp verder berekeningen gedaan wat er zoal aan granaatgewicht nodig was om 2,5m gewapend beton of 25 cm nikkelstaal te doorbreken en men kwam tot de conclusie dat een granaatgewicht van 1000kg nodig was. Om zulke granaat af te vuren tot 12 km afstand was een geschut van 42 cm kaliber nodig. Krupp maakte de eerste voorontwerpen en het bleek dat zulk geschut met de toenmalige technologie enkel via normaalspoor te vervoeren was, deze ontwikkelingslijn zou voeren tot het Gamma Gerät.

Het leger wou echter ook een modern maar meer beweeglijk stuk dat via smalspoorbaan (60cm) of eventueel zelfs via de weg te vervoeren was. Daarom werd er een Krupp gevraagd de verbeterde versie van het Bèta Gerät in kaliber 30,5 cm verder te ontwikkelen dat de zwaardere 42 cm houwitzer zou aanvullen als een lichter doch meer beweeglijk alternatief.

Het leger wou echter een geschut in een affuit op wielen. Krupp overtuigde het leger van zijn mening dat zulk een geschut een te grote druk op de as zou uitoefenen en dat het onder zijn gewicht in de grond zou wegzakken door de concentratie van dat gewicht op twee wielen. Krupp wou wel een 28cm geschut op wielaffuit bouwen, doch het leger wou niet dat een op een kleiner kaliber dan het reeds beschikbare 30,5 cm Bèta Gerät werd teruggevallen. In ieder geval besloot Krupp toch een prototype van een 28 cm howitzer in wielafffuit te bouwen ( de 28 cm Haubitze L/12 I.R. (Krupp)) om ervaring op te doen met superzwaar geschut in wielaffuit.

De generale staf vroeg van het nieuwe 30,5 cm geschut dat het een bereik van 12 km zou hebben wat tot een langere L/12 loop leidde. Om een snel inzetten te bevorderen werd het op een houten bedding gezet, terwijl voor de 42 cm houwitzer oorspronkelijk een betonnen bedding van 137 ton werd voorzien. Het stuk was ontworpen om via normaalspoor of smalspoor te worden vervoerd, doch tijdens het ontwerp reeds werd een transport via de weg voorzien.

Op 28 maart 1908 werd een prototype besteld, dat in mei 1909 klaar was. Door de goede resultaten van het proefschieten werd een tweede stuk besteld om zo een complete batterij met twee stuks te kunnen vormen. Ondertussen werd er gewerkt aan wagens en stoomtraktors om het stuk op de weg te vervoeren. De eerste tests voor wegtransport konden beginnen in 1910. Op de weg kon het geschut verplaatst worden met snelheden tot maximaal 15 km/uur (de wagens waren gevederd om deze relatief hoge snelheid mogelijk te maken, doch in de praktijk ging het transport veel langzamer)

Gamma Gerät in vuurstelling, klaar voor het laden. Foto onder dezelfde hoek genomen als deze van het Bèta Gerät 09 bovenaan de pagina. Het is duidelijk dat het een vergrote versie van het Bèta Gerät 09 is.
Enlarge
Gamma Gerät in vuurstelling, klaar voor het laden. Foto onder dezelfde hoek genomen als deze van het Bèta Gerät 09 bovenaan de pagina. Het is duidelijk dat het een vergrote versie van het Bèta Gerät 09 is.

Zoals reeds gezegd liep de ontwikkeling van het Bèta-Gerät 09 ongeveer tegelijkertijd met die van het Gamma Gerät en beide stukken waren ongeveer gelijktijdig klaar voor de eerste schietproeven. Daarbij bleken de prestaties van het Gamma Gerät zo veel beter dan deze van het Bèta-Gerät 09 dat werd besloten enkel het Gamma Gerät verder in productie te nemen en de productie van het Bèta-Gerät 09 te stoppen na de voltooiing van één batterij met twee stuks geschut. Het leger was echter nog steeds geïnteresseerd in een 305mm geschut in een wielaffuit en vroeg Krupp dit te ontwerpen. De test met het 28 cm Haubitze L/12 I.R. (Krupp) hadden Krupp ervan overtuigd dat zulk een stuk toch praktisch haalbaar was en ontwikkelde het Bèta I.R. (Bèta geschut in Radlafette: Bèta geschut in wielaffuit).

Beschrijving

Het Bèta-Gerät 09 was een beddingsgeschut. De houten bedding waarop het werd geplaatst was 3 meter breed, 80 cm diep en 7,1 meter lang. (wegens de geringere schok op te vangen door de bedding wegens de terugslagrem, was de bedding slechts half zo dik als deze van het Bèta Gerät). Op deze bedding stond een vertikale spil. Op de bedding kwam vervolgens een onderaffuit dat met 40° traverse om de spil kon draaien. Op dit onderaffuit werd dan de loop ingelegd die gemonteerd was op een hydropneumatische terugslagrem.

Door zijn massieve en sterke uitvoering woog het stuk 45 ton met nog eens 10 ton voor de bedding, meer dan twee keer zoveel als de ongeveer gelijktijdig ontwikkelde Oostenrijks-Hongaarse Škoda 30.5 cm Mörser M.11.

Transport

Tegen de tijd dat het geschut volledig was ontwikkeld en getest, was er ook een volledig systeem ontwikkeld om dit op de weg te transporteren. Voor langere verplaatsingen werden de wagens op gewone treinwagons geladen. Ook was het nog steeds mogelijk het stuk met smalspoor te vervoeren.

Per stuk waren er 5 wagens met stoomtractie nodig: 1 voor de bedding, 1 voor sokkel (deel van de onderaffuit), 1 voor de rest van het onderaffuit, 1 voor het terugslagmechanisme en 1 voor de loop. Daarbij werden er per stuk nog eens twee wagens voor het transport van munitie voorzien (met ofwel 26 pantsergrantanten of 32 langgranaten). Dus voor een batterij van twee stuks waren er 14 stoomtrekkers met wagens nodig. In praktijk was de transportsnelheid over langere afstanden door de gemiddelde toestand van de wegen, hellingen en de nodige stops om water en of kolen te laden tot ongeveer 4 km/uur beperkt. Bij hellingen groter dan 1 op 8 moesten de wagens met een lier naar boven worden getrokken.

De tractie met stoomtractors had twee nadelen: ten eerste was de rookpluim van de trekkers door de vijand zeer goed waar te nemen (men moest immers tot op 12 km van het doel komen). Ten tweede waren de stoomtractors brandstofverslinders. Met het water op de trekker aanwezig kon men 12 km ver rijden in vlak land en er waren genoeg kolen aanwezig voor 24 km. In heuvelachtig landschap daalde dit tot 8 en 16 km. Per batterij waren er daarom nog 4 trekkers met wagens voorzien om water en kolen te vervoeren om één dag lang te kunnen rijden. Het overladen van de kolen nam echter heel wat tijd in beslag. Verder had de batterij 3 grote en 13 kleinere extra tractors voor het vervoer van extra water en brandstof en ook van een kraan voor de montage van het geschut en een wagen die de helling nodig om de wagens en tractors op gewone treinwagons te laden voor transport via normaalspoor. Het kleinere materiaal zoals de veldkeukens, richtapperatuur, bepakking van de bemanning enz. werd van paardentractie voorzien. Voor de officieren waren er 3 auto's.

Voor de batterij werden in totaal 1800 schoten geproduceerd (later tijdens de eerste wereldoorlog natuurlijk meer) waarvan er 400 naar de geschutsstelling werden getransporteerd. (de lege wagens die voor het transport van het geschut waren gebruikt werden vervolgens ingezet om ammunitie aan te voeren)

Om de batterij in stelling te brengen was in het beste geval 12 uur nodig, dit inclusief het graven van de kuil voor de bedding.

Inzet

De twee stuks vormden één batterij (Batterij Bèta 5) Die in het begin van de oorlog was ingedeeld bij het Duitse tweede leger. Over de inzet zijn voorlopig niet veel gegevens beschikbaar, maar ze werden zeker ingezet bij de belegeringen van Luik, Namen, Maubeuge en Antwerpen en Verdun.

Afkomstig van WO1Wiki NL, de Vrije Encyclopedie. "http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/B%C3%A8ta-Ger%C3%A4t_09"
Personal tools