/** * */

26 cm minenwerfer M.16/17 model Böhler

26 cm minenwerfer M.16/17 model Böhler
Gebouwd door: Böhler
Bouwjaar: 1916-1918(?)
Gewicht geschut: 1550kg
Totale lengte:
Lengte loop: m
Gewicht granaat: 83 kg
Kaliber: 260 mm
Elevatiehoek: plus 34° tot plus 80°
Traverse: {{{traverse}}}
Vuursnelheid: schoten/minuut
Mondingssnelheid: m/s
Bereik: 2400 of 1650m m
Gebruik: Loopgraafmortier
Bijzonderheden: {{{bijzonderheden}}}


Genesis

Toen Oostenrijk-Hongarije geconfronteerd werd met de door Italianen gebruikte stuks van de Mortier de 240 mm L.T. was men zo onder de indruk van de werking van dit stuk dat het leger aan de industrie vroeg om zo snel mogelijk een kopie te bouwen. De mortier zelf was gemakkelijk genoeg te kopieren, zijnde een eenvoudig stuk mechaniek. Doch de kruitsamenstelling van de aandrijflading kreeg men niet op punt, wat grote dispersie van de granaten tot gevolg had. Daarom werd besloten een 26 cm minenwerfer te bouwen. Het Oostenrijk-Hongarijse leger was trouwens al langer op zoek naar een zeer zware minenwerfer. En nu het geconfronteerd had na de mislukking van de kopie van de gevreesde Frans -Italiaanse minenwerfer Mortier de 240 mm L.T. zeker de bedoeling om een eigen produkt zo mogelijk van betere kwaliteiten te bouwen. Men besloot tot een kaliber van 26cm. En men had na een mislukt prototype van een 305mm mortier ook een 26cm mortier bij Škoda besteld, de 26 cm minenwerfer M.17 model Škoda.

bron: Wikipedia, Engels, auteur Christoph Tietz
Enlarge
bron: Wikipedia, Engels, auteur Christoph Tietz
.

Het leger had dan wel een 26cm mortier bij Škoda besteld. Doch ook de firma Böhler had reeds een prototype voor een 26cm mortier gebouwd, die superieur was doch moeilijker in productie. Uiteindelijk werden blijkbaar beiden geproduceerd. (Dit is wat ik uit de verschillende bronnen kan opmaken, de meeste halen de twee typen mortiers door elkaar en lijken zich niet bewust dat er twee modellen waren.)

Voor het transport kon de mortier in 4 lasten worden gedeeld die dan door paarden konden vervoerd worden.

Van de mortier werden ongeveer 300 stuks gebouwd.

ontwerp

De mortier was een voorlader, doch integenstelling tot de meeste loopgraafmortieren had deze een getrokken loop. De elevatie werd geregeld door een schroefmechanisme onder de loop. De loop stond op een ronde affuit die op zijn beurt weer om een platform van stalen balken en hout stond. De ronde affuit kon op het onderste platform draaien, doch de bronnen vermelden de traverse niet.

Na de eerste wereldoorlog

Na de eerste wereldoorlog werd het stuk door het Oostenrijkse leger verder gebruikt. Van een mogelijke inzet door het Duitse leger na de anschlüss is niets bekend en het stuk werd waarschijnlijk naar de schroothoop verwezen.

Personal tools